12 mei 2017

HERMES

INTEGRALE TOESPRAAK
KANUNNIK PASTOOR
ANDRE DE WOLF
OVER 'HERMES'

Ronse.
St.-Hermescrypte
Vrijdag 5 mei 2017.



Als echte, geboren en getogen Ronsenaar en meer dan 50 jaar trouwe fiertelganger en jarenlange voorbidder achter het schrijn zou ik willen zeggen, wij Ronsenaars en allen die Ronse nog steeds graag zien leven dezer dagen op een wolkje… met onze stad die open bloeit en dit niet alleen met de heroplevende “Vrijheid”. Maar heel in het bijzonder ook met die tintelingen rond ons aller Ronse met zijn Fiertel en Sint-Hermes, voor mij… excuses Stéphane, Stef nog steeds Sint …. Heilige Hermes.

Waarom zou dat zo zijn dat we nu als Ronsenaars en Sint- Hermes vrienden op een wolkje leven? Daar zijn meerdere goede redenen voor, maar er zijn er wel twee heel bijzondere. Er is eerst de afronding van het prachtwerk van onze stadsconservator Eric Devos met de recente publicatie “De Sancto Hermete Martyre De iconografie van Sint Hermes tot ca. 1500”. Dit boek is de kroon op het werk van wat wij een “opus” van circa 800 blz. mogen noemen over de geschiedenis van Ronse en zijn Fiertel met Sint- Hermes. Ik houd eraan publiekelijk Eric Devos van harte te feliciteren en te danken voor dit tot en met historisch gedocumenteerd en gefundeerd oeuvre.
En ten tweede: vandaag vieren wij de blijde geboorte van “Hermes” van Stef Vancaeneghem, het tiende werk van onze bekende schrijver auteur. De auteur Stef die in hoge mate schatplichtig is aan het gedegen, historisch betrouwbaar werk van onze stadsconservator Eric Devos. Ook in Ronse wordt dit nog al eens in het Engels gezegd, zijn “research”. Deze twee publicaties kunnen als pijlers dienen op de moeizame weg naar de erkenning door de Unesco van de Fiertel als Werelderfgoed.


De presentatie van “Hermes” is geen gemakkelijke klus voor mij, omdat dit boek “Hermes” zo overduidelijk autobiografisch is en tevens dood eerlijk, zo getekend door wat te lezen staat op de kaft van het mooi uitgegeven boek: “Hermes is tevens en niet in het minst de balans van een levenslange filosofische zoektocht naar zingeving en betekenis”.

Stef, het is een boeiend, scherpzinnig, vlijmscherp ja uitdagend werk geworden. Zo bijzonder leerrijk ook, het is één stuk bruisende, maar zo vaak tragische geschiedenis van Ronse. Jammer dat wij destijds in ons geliefd Sint Antonius college de Ronsische geschiedenis niet op die wijze hebben gekregen. Graag deze suggestie, misschien zou men werk kunnen maken van het herschrijven, van een hertaling van de geschiedenis van Ronse door de eeuwen heen aan de hand van dit boek “Hermes” en het basiswerk van onze stadsconservator Eric Devos. Het zou kunnen helpen om de boeiende maar ook tragische geschiedenis van Ronse te her situeren in Vlaanderen, in België en in Europa. Immers, het samenleven van generaties van mensen is ook in Ronse nooit “simpel” geweest…tijden van oorlogen, sociale onrust en vrede hebben mekaar afgewisseld, maar steeds heeft Ronsiesche de mens, dat “mensje” , dat stipje in de kosmos zich opgericht. De mens en alleen de mens van alle levende wezens, voor mij, door God geschapen met verstand, kan dit doen. Onze bekende professor filosofie in Leuven, Albert Dondeyne zegde het eenvoudig: “de mens is een denkend,
na-denkend wezen, hij kan alles nader bedenken… hij kan filosoferen …” en dat is het wat Stef zo graag, zo overvloedig en zo heerlijk goed doet in zijn” Hermes”.

Maar hij deed en doet dat blijkbaar ook tijdens het stappen in de Fiertel ommegang. Stef gaat uit overtuiging mee op bedevaart als een bekennende, meermaals in het boek zich uitende “agnost”. …wellicht gaat hij daarom niet ten zegen in Louise Marie, misschien wel in Lorette, omdat zelfs bij Stefaan, Maria nog een boontje voorheeft op die grote Heilige Hermes. Nu dit prachtig kapelletje van Lorette uit 1664 is waarlijk een eeuwen oude parel aan de dietse kroon, en moet ten alle prijze behouden en beschermd worden, ook als rust en gebedsmoment voor de Fiertel dragers.

Deze “Hermes” presenteren in zo een korte tijdsspanne laat niet toe dat ik hier een kritische analyse maak hoofdstuk per hoofdstuk. Kritiek komt zoals professor Dondeyne het ons ook duidelijk maakt, van “krinein” dwz. bewust het positieve en het negatieve stellen, op onze dagen wordt het vaak herleid tot het laatste, nl. eenzijdig negatieve kritiek.

Waarde lezeressen en lezers van “Hermes”, jullie mogen jullie verwachten aan een taaie brok filosofische belezenheid, bepaalde inzichten worden scherp, heel scherp, ja tot op het bot gebracht. Zo kennen we onze auteur, maar het gebeurt steeds “in het perspectief van een continue, zo eerlijk mogelijke bevraging én van de existentiële, de bestaans verwondering”. Zo is er bijvoorbeeld de rake, imponerende, historische schets van de tragische strijd tussen de rede en de dogmatiek ten tijde van Galilei en anderen. Graag hier een typisch Stefiaanse invulling van deze eeuwige problematiek …als nadenkende, nader bedenkende mensen zijn we hem daar dankbaar voor:

“Wie vandaag achter het schrijn en de bellen aanloopt als bedevaarder torst dus ook de hele geschiedenis mee van die eeuwenlange worsteling tussen de rede en dogmatiek”…

en dan volgt er iets wat tot diep nadenken stemt :

“de Fiertelbedevaarder geeft die eeuwen lange traditie door. Daarbij dansend op de slappe koord, tussen mystiek en wetenschappelijke vooruitgang, tussen wonder en verwondering”.

Indringend mooi schrijft Stef aansluitend deze duiding van wat de Fiertel voor hem oproept:

“Wat de Ommegang voor mij zo mooi maakt doorheen de duisternis van dogmatiek en het licht van de rede is alles wat een mens van deze tijd rest aan mysterie en schoonheid van het landschap en de natuur om zich heen, in de klanken van de bellen. In Trommel en Fluitje die de Sint Hermesgilde voorgaan. In het Fierteldeuntje van de Brandweer. In de “Missa in Honorem Sancti Hermetis op het Schijvenorgel van de Sint-Hermeskerk…”.

Dit laatste stukje “Hermes” herlezend krijg je dik heimwee naar vroeger en is er de pijn omdat je niet meer mee kunt stappen achter het schrijn, op die 32.6 km lange tocht door dat schuune Roonse .

Stef het is bijzonder boeiend, ja intrigerend om die bekende Fiertelroute met zijn vaste ankerpunten en rustplaatsen via uw beschrijvingen en …filosofische duidingen te herbeleven. ..want plots dacht ik onze auteur van “Hermes” en goede vriend Stef is geboren in 1950 … het jaar van mijn plechtige communie waar ik voor het eerst met de fiets van mijn mama de Fiertel mocht uitrijden… en tussen 1951 en 1957 ieder jaar als KSA-er de Fiertel mocht doen, jammer genoeg niet als Ronsische scout, “Ridder van de Fiertel” (ze zijn terug in de Fiertel gekomen sinds een paar jaar) maar ook vele jaren lang, de onderpastoor van Sint Hermes parochie vervangende, talloos vele Onze Vaders en Wees Gegroeten biddende achter het schrijn al dan niet met een goed werkende megafoon…waar gij Stef ooit nog een leuk en uitdagend stukje over geschreven hebt…

Want geachte toehoorders en jullie allen toekomstige enthousiaste lezers en lezeressen, laat jullie niet afschrikken door deze ballade van tussentittels die je in “Hermes” te verwerken krijgt in deze bijzondere verzorgde uitgave . De titel van het eerste deel van het boek is: “In het licht van de eeuwigheid”. Onderaan iedere bladzijde in deze bijzonder verzorgde uitgave kun je “In het licht van de eeuwigheid” nog eens bemediteren. Laten we samen even de Fiertelomgang in gedachte doen, de bekende route met zijn ankerpunten en rustplaatsen volgend en die rake tussentittels tot ons laten doordringen.

Verwondering.
Van zwerfgoed tot erfgoed.
De koralen van de Muziekberg.
De Galgenroute.
Mystieke Mix.
Twitter @ Pontifex.
De Schreeuw.
Rituelen rond de Waanzin.
Deus ex Machina.
Grensoverschrijdend gedrag.
Pure schoonheid.
Ravages rond Hermes.
Het Heilig Vuur.
Wilde Maagdekens en Slekkentrekkers.


In elk van deze brokjes mooie literatuur en poëzie, kan ik slechts één landing maken voor een moment van aandachtig stil worden bij de woorden van Stef: “Verwondering-bewondering”, en jawel “In het licht van de eeuwigheid”… voor mij persoonlijk, de eeuwige God.
Door de mij toegemeten tijd gedwongen kies ik er maar eentje uit voor ons hier vanavond, het komt uit het stukje: “Pure schoonheid”. Mijn goede vriend Wim Vancoppenolle, ons aller Tavi, zal zo dadelijk als derde stukje dit ook even voorlezen.

“Deze Fiertel is een bedevaart uit het vergane verleden in dit al te harde heden, onderweg naar het zeer onzekere morgen.
Gisteren is weg, maar niet helemaal.
Zoveel van gisteren zit in ons hart. Wat ons rest, zijn de essentiële oliën van het leven. De kwintessens van een bestaan. Als een parfum dragen we als bedevaarders een verleden vol ervaringen met andere mensenlevens met ons mee.
Het ware Fiertel-gevoel valt nog met de mooiste metaforen niet te beschrijven .
De Fiertel is een allegorie van het Ware, het Goed en het Schone. Je moet het zelf beleven: niet één keer, keer op keer.
Wie zelf nooit achter de bellen aan stapt, mist het magisch-realisme op stapschoenen achter het schrijn.
Hermes overstijgt met zijn relieken zowel zijn eigen mythe als de waan van de dag en de schone schijn. Dit is het echte mirakel van Hermes. Dat hij er vandaag nog altijd helemaal staat. Dat hij meer dan ooit zoveel losweekt”.


Goede vrienden, dit eerste deel van “Hermes”, “In het licht van de eeuwigheid” biedt meerdere vlijmscherpe analyses tussen dogma en fundamenteel wetenschappelijk onderzoek . Dit alles is boeiend en uitdagend geschreven, soms daardoor wat al te eenzijdig. Graag daarom een tweede suggestie: “Hermes” dit laatste werk over Ronse en zijn Fiertel vraagt uit zichzelf om een open dialoog over de prangende historische, filosofische en religieuze vragen rond de Fiertel, de Fiertelommegang met zijn commercialiserings-en banaliseringen tendensen in een ver verleden, maar ook vandaag de dag, door Stef raak geduid als Ronde van Vlaanderen toestanden….

Onze eeuwenoude Fiertelommegang wordt in het “Heilig Vuur” van deel 1 een heel mooie toekomst toegewenst:

“Het is daarom een gerust stellende gedachte dat er hard werk wordt gemaakt van de Fiertel als absoluut te vrijwaren Werelderfgoed .

Dit zo houden en koesteren. Wat telt, is the spirit. Als alles wegvalt, rest ons enkel deze laatste houvast waarvan het symbool de draagstoel onder het schrijn is.

Onverzettelijk en onwrikbaar zullen we zijn, als het erom gaat ons mooiste erfgoed te koesteren en door te geven aan de beginnertjes om ons heen.

Als mijn persoonlijke interpretatie van het Hermes-verhaal hen daarbij op de weg helpt, dan heeft mijn lange leestocht, mijn research en puzzelwerk zijn doel bereikt." (Hermes blz. 189)



Het tweede deel van dit boek “Hermes” staat onder de sprekende tittel: “Hermes in extremis”. Hier plaatst onze goede vriend Stef een slotakkoord op hoog niveau.

“Hermes in extremis” biedt een dramatische dialoog tussen de blinde Salome, die christen-gelovig is geworden en die Hermes “ziende wil maken” door hem los te maken van de Romeinse goden. De furieuze en tragische reactie van Hermes op de pogingen tot bekering door Paus Alexander, Salome en Theodora wordt hier tentatief, tot reflectie dwingend beschreven.

“Het bloed van onze martelaren, is het zaad voor de nieuwe christenen. De mensen hebben nood aan een persoonlijke God die zich hun lot echt aantrekt.

Hoor de zelfverklaarde paus Alexander bezig. Alsof er wat mis is met onze eigen goden. Volgens Theodora zouden alleen nog enkele aristocraten van de senaat zich vinden in de oude Platonische leer en de Aristotelische Ethica Nicomachea. En alleen de boeren zouden zich hardnekkig vastklampen aan onze traditionele goden”.

In de twee prachtige redevoeringen van Quirinus en keizer Hadrianus wordt de keuze voor de doodsstraf van Hermes, de val van Hermes in bijzonder dramatische bewoordingen beschreven. Het moeten kiezen voor de doodsstraf met onthoofding voor Hermes, de goede vriend van keizer Hadrianus, plaatst de keizer voor een zwaar gewetens conflict. Keizer Hadrianus laat Hermes, “Jij, mijn maat voor altijd” het palmares zien van het Rome en het wereldrijk dat zij samen gebouwd hebben. Keizer Hadrianus prijst Hermes, zijn stadsprefect van Rome, om zijn vele, vele rijke gaven”. En toch, keizer Hadrianus kan niet ontkomen aan de gruwelijke keuze waar in de mensengeschiedenis zo vaak mensen voor stonden. Keizer Hadrianus richt zich aldus tot Hermes:

“Je zet met de rug tegen de muur. Je dwingt me ertoe dingen te doen waarvoor een ander dan ik zijn handen in onschuld wassen zou. Maar ik ben behalve je vriend ook je keizer. Vergeet dat niet.

Jouw nieuwe geloof is een dwaasheid. Een verderfelijk bijgeloof. Iets voor slaven en onontwikkelde lieden. … Ik vraag het je als vriend, als strijdmakker, als je keizer en voor de allerlaatste keer.

Zweer je geloof af.
Offer aan onze goden.

Doe het me niet aan dat ik uitgerekend tegen jou de hoogste straf moet uitspreken. Ik geef je nog een etmaal de kans. Ik gun je de tijd om je mening te herzien. Ik bied je bovendien de mogelijkheid, als je toch koppig wil blijven, om er zelf uit te stappen. Met waardigheid. Als een echte stoïcijn. Meer kan ik voor jou, met de beste wil van de wereld, niet meer doen”.

Zo werd Hermes stadsprefect van Rome …Heilige Hermes, martelaar …patroon van onze stad Ronse.

Slotwoord:

Stef nen “dieken proficiat” voor dit prachtwerk “Hermes”. Je schrijft zelf dat dit een verslag is van uw 50 jarige schrijftocht langs de oevers van uw Ronsische roots.


Dank, dank Stef voor dit prachtwerk en ja,…zelfs tot deze morgen, bij mijn ontbijt koffie, heb je mij nog eens dik verrast met één van de mooiste duidingen van je boek “Hermes”. Jawel, in “ Het Nieuwsblad”, katern Vlaamse Ardennen Vrijdag 5 mei 2017 blz. 4, kan men lezen en ik citeer heel graag :

“Hermes is vooral ook mijn ultieme liefdesverklaring aan Ronse, mijn stad. Ik steun er Ronse mee als stap naar het Werelderfgoed dat de Fiertel moet worden. Die is voor mij, net als voor veel Ronsenaars, heilig. Nooit is Ronse mooier dan op een Fierteldag”.

Kanunnik Pastoor André De Wolf

ZATERDAG 13 MEI
VANAF 15 U BIJ
BOEKHANDEL BEATRIJS




Ik signeer 'Hermes'
zaterdag 13 mei
om 15 u in
Boekhandel Beatrijs Oudenaarde.


Foto's met dank aan Fabrice Gevaert.

01 mei 2017

HERMES VANAF ZATERDAG



'Hermes' is vanaf
zaterdag 6 mei - voor 20 euro - verkrijgbaar:

In Oudenaarde bij de uitgever van 'Hermes':

Boekhandel Beatrijs.
Hoogstraat, 77
Bestellingen kunnen vanaf nu via: 055/314477
Ik signeer bij Beatrijs op Zaterdag 13 mei
vanaf 15 u tot 17u.


In Ronse:

Papershop
Michel Vandenhende, Rooseveltplaats.
Op naam gesigneerde exemplaren op aanvraag.

Bookshop
Gregory Van Stals, Ninovestraat.
Op naam gesigneerde exemplaren op aanvraag.

Ronsese Dienst voor Toerisme,
'Spaans Kasteel', Bruul/Priesterstraat.
Op naam gesigneerde exemplaren op aanvraag.


Voor alle duidelijkheid:
Ik verkoop zelf géén exemplaren.

Deze foto is genomen aan de Rijkswachtdreef in Louise-Marie. Met dank aan Fabrice Donkerwolcke.

07 april 2017

OP HET RITME VAN DE BELLEN

04 maart 2017

BRIEFGEHEIMEN

SNOOTIES



1957. Ze zitten wankel in hun gaatjes, dienen nog te worden vast gevezen in de zitbanken van Den Tap. Vandaag heeft mijn bompa de gigantische loupe in zijn versleten boekentas laten zitten. Wat betekent dat we dus niét naar De Grotten van Han zullen rijden. Ik word geacht hem - op deze nochtans stràlende lentedag - te assisteren bij het aanreiken van (mijn) losse vijzen in het halfdonker. Voor de revue van Valère Depauw. Het is altijd wat met mijn bompa, op en naast zijn banken.

Vijzen voor Valère.
Vijzen voor De Purperen Heide.
Vijzen voor De Regenmaker.
Vijzen voor Bobbejaan op zijn paard.

2017. Na Tavi in ’t Paradijs en Tavi Buirgemiester pikken we samen en voor de derde keer (driemaal is scheepsrecht) het onnavolgbaar immaterieel erfgoed van Valère Depauw op. Deze keer met Tavi Buuneklaaker. Onwaarschijnlijk maar waar. 5.500 bezoekers voor een revue... in het Ronsies. Met als gastvedette de echte burgemeester van Ouwnoerde. Iek kome schliecht.

Dit succes is er een van onverbrekelijke vriendschap tussen nen huup wieties in goede en kwade dagen. Vriendschap die wordt beantwoord door ongelooflijk veel inzet en enthousiasme op en om de planken. Dit doen we tuupe vanuit diep respect voor alles wat vroeger was. Met jullie snooties om ons heen voor wat morgen komt.

Het graf van mijn bompa op Hogerlucht is ondertussen al lang vermorzeld door de tand des tijds. Maar bij elke vooraf uitverkochte zaal denk ik aan hem. Hoe zijn wereld, mijn wereld, onze wereld in die halve eeuw is veranderd. Bij elke voorstelling van Tavi Buuneklaaker vraag ik me af hoe jullie wereld worden zal. Samen met mijn eigen snooties en de snooties van mijn snooties.

Ja dus, het echte diepe Ronse bestaat nog. Een Ronse dat warm de hand reikt aan al wie zonder complimenten van deze stad houdt. Als insider of buitenstaander. Als Ronsenaar van hier en elders. Als Buunenklaaker en erger. (Grapje, beste Marnikie).

Jullie staan al klaar om de erfenis van Valère in jullie taal, vanuit jullie nieuwe tijd en eigenheid op te pikken. Voor diegenen die – ik spreek hier voor mezelf, goede co-yoteurs Koen en Geert - al wat langer jong zijn, is het moment gekomen om - midden die machtig mooie stormloop - als in een schrijf-estafette de schrijfstok door te geven. Om dan bij leven en welzijn voortaan vanop de achterste rijen daar op de planken luid en tot de laatste snik mee te zingen. Van Hoe schuune da Ronse tooch kan zoan. En nog een paar liedjes, Poilke kameroed, die we koesteren omtrent deze Schuune ouwe nieve stad.

It's all up to you now
lieve snooties om ons heen.

Alleen die vervloekte confetti op alle plaatsen in mijn schrijfstekje hier op Broeke zal ik niet echt missen. Al het andere steek ik bij de Moleskine-schriftjes en de Pelikan in mijn Deuter-rugzakje voor de verdere schrijftocht.

Voor altijd
mét jullie
door dit
prachtige
allemansland
gelek dat er
gien ander ees.


Aan alle Snooties van Tavi.

01 maart 2017

CODE 9600

LE TEMPS PERDU



Alternatieve feiten zijn feiten die niet bestaan. Dingen die totaal niet kloppen. Rookgordijnen. Stokebrandjes. Iemand wil een ander treffen, een concurrent binnen of buiten de eigen partij (zover gaat het) beschadigen om zijn eigen egotrip te gaan. Lanceert daarom zo een stiekem digitaal lasterpraatje via de nodige ommetjes. Al dan niet anoniem. Een ander pikt het op, geeft de ‘alternatieve foute feiten' ongecheckt meer aandacht op Twitter of Facebook. Nu en dan worden zelfs de ouwe klassieke mailboxen rechtstreeks gevoed met dergelijk zwerfvuil. Nepinfo. Operatie beschading X of Y. Het zit er aan te komen naar de gemeenteraadsverkiezingen toe en op microschaal wat we nu al dagelijks op grote schaal te zien krijgen in het ontluisterend Trump-Poetin-tijdperk.

'Mentez mentez toujours
il en restera quelque chose'.
(Voltaire).

Diegenen die zich vandaag geroepen voelen om onze mooie stad met een krachtig eensluidend verhaal te sturen en te besturen hebben er daarom alvast alle belang bij de dingen altijd heel open te benoemen. Al hun mandaten, bestuursfuncties, cumulaties, hoedjes, netwerken, zuilen. De exacte bedragen van hun inkomens uit al hun publieke mandaten – belastinggeld - al hun daaraan rechtstreeks of onrechtsreeks gelinkte bezoldigde opdrachten in vennootschappen . Open en bloot en voor iedereen kenbaar en op elk moment consulteerbaar. Niet alleen de vaak vage achterhaalde lijstjes op http://www.cumuleo.be/nl/ maar de bedragen.

Het is het meest doeltreffende tegengif tegen desinformatie die ten allen kante de digitale en traditionele printmedia besluipt. Zelfs de meest ervaren professionele nieuwsgaring, geen enkele zo al dun bevolkte redactie, zal op de duur nog bij machte zijn de gifstroom van desinformatie te onderscheiden van wat klopt. Dat sluipend gif alleen maar bestrijden met de dagelijkse goed nieuws show – kijk eens aan hoe goed bezig we zijn - zal niet genoeg zijn.

Ik mik vanochtend - 1 maart 2017 - ongevraagd en ongewenst nepnieuws in mijn box over zogezegde niet aangegeven mandaten van een Ronsese schepen in de prullenmand, duw op de deletetoets vanwege geklasseerd als 'alternatieve feiten'. Maar hoeveel van wat ik dagelijks onder ogen krijg, maakt ondertussen stiekem en sluimerend deel uit van sluipende beïnvloeding? Met een vrolijke persbabbel in Le Temps Perdu krijg je de desinformatie van communicatie in digitale tijden niet uitgelegd.

24 februari 2017

TAVI LOVES MADLEENEKI



Tavi en en zijn kameraad Kari tourden op hun elektrieken velo langs de groene vingers van Ronse. Aan de tunnel van Louise stortte Tavi op zijn wezen, recht in een zak zwerfvuil. Kari prutste zijn mobieltje uit zijn koersbroek, belde de spoed. Te horen aan zijn geschreeuw tegen Kari, scheurde Tavi in afwachting door de tunnel van Louise-Marie, zag hij een fel wit licht, botste hij aan het eind van de tunnel op Valère Depauw. Harde confrontatie tussen de auteur en zijn hoofdpersonage.

Waten hette goa uitgestauken, Tavi?
Get mien leivenswierk vermuust!


Valère vond al wat er na hem kwam verloedering van zijn oeuvre. Bullshit van goddelozen die niet eens hadden willen mee bidden aan de koffietafel op zijn rouwdienst in Sint-Job-in’t Goor. Tavi verdedigde zijn maats onvoorwaardelijk, verantwoordde al hun avonturen.

'Valère, de keesse van den Tap waas weire plaat en...'

Moer 't waas alemoele gien avance.

Valère beschuldigde Tavi en zijn companen van usurpatie en plagiaat.

Madleeneki, Kari, Mathilde, Facteurkie, Seys, Lautjie, Stanse, Guti en zien woaf, Fitaline, Clémentine, Céleeste, Falderie en de anderen: ze woonden allemaal bijeen in de nieuwe Service Home Diamant achter De Kloef. Bij ontstentenis van Tavi draaide zijn goede vriend Kari er rond de ponder van Madleeneki. Zeer tot ergernis van Madleeneki zelf. En niet in het minst van zien woaf Mathilde. Het kot was te klein.

Het belette de bewoners van Service Home Diamant niet om tuupe nu en dan eens op uitstap te trekken. Naar de Las Vegas van Eddy Wally in Erpe-Mere. Naar de Capitole van Gent voor musicals met Dieter Spilerkie, cabaretten met Guillaume Devos en totaalspektakels met Donaat. Hun uitstappen naar Lorette en Wittentak voor de noveen werden bovendien ingeblikt door een jonge Ronsese regisseur en zijn filmteam van Snooties Productions.

Den Twielynck was ondertussen ook al dik de veertig voorbij en sprak alleen nog Algemeen Nederlands, geen woord Ronsies. Twielynck Ien had de hele planeet verkend als makelaar in diverse fijne textielgarens. Hij lachte met het wezen van Twielenck Twie die nooit verder was geraakt dan de Kaapverdische Eilanden, met een vroegboekingske.

De ene helft van den Twielenck verdedigde het wereldburgerschap, de andere helft de Ronsese roots. Twielynck Twie zat als commercant van Ronsiese delicatessen in De Passage. Mei Boomookies, Crème Glace La Renommée , Hermes Sjukola. Hermes Tripoo. Hermes Kaaffie. Hermes Ex Voto’s en andere reliekbazarkies van de Fiertel. Als voorzitter van de handelaars organiseerde hij jaarlijks de lingerieshow in de crypte met The Dance Crashers.

Op het buurtfeest van Service Home Diamant bekeken alle oude Tavisten de film ‘Tavi loves Madleeneki’. Grote zaging van iedereen, omdat ze volgens hen veel te weinig in beeld kwamen als figuranten. Madleeneki vond het daarentegen wel vrie schuune gefielmerd . Ze werd de zaging van al die ouwe knarren en knorpotten stinkend beu en stak spontaan een speech af.

Vroeger waas 't nie allemoele zuvel beiter.
En noa n'ees dat doerom nie zuvel schliechter.
't Ees alliene da'k mienen Tavi miesse
gelek de zoone ien mien ugen
en de veeschen leucht ien mien twie heu...


De begerige blik van Kari deed haar ophouden.

Twielynck Twie trouwde met ’t scheunste doolekie vaan ôl de snooties tuupe in de kapeele vaan Wietentaak met banket na in Le Châlet du Parc Lagache. Daar bleek Tavi bijlange nog niet dood, mei geest op zienen boak. Hij zat er gewoon naast Madleeneki mee aan de dis. Al die tijd had hij op d'intensieve vaan Huugerleucht gelegen om te bekomen van de stank van die zak zwerfvuil. Het was maar een attakskie geweest. Tavi vertelde de genodigden over zijn bewogen ontmoeting met Valère tijdens zijn bijna-doodervaring.

Den Heimoo
daat ees juust
’t zuifste gelek hier
ge zit wui an
den andere kant
van de spiegoo
g’het nieverans
gien zier mier
ge droejt rond
gelek nen drone
moer oa herte piekt
oos ge d’andere
azuu beizeg ziet
benein op d’ierde
mei ôl heure luite
en heur plezier.


't Waas ’n schuune
fieste mei
grute ambiance
en Gutie die
de farandoole
trekteget tot
in de steerekies
bauven de Prinskouter.


Boa den deesseir kroop Tavi op een stoel en verkondigde 'namens zijn geestelijke vader Valère' dat hij nu eindelijk met een gerust gemoed de fakkel kon doorgeven aan Den Twielenck en an ale snooties tuupe voer nieve producties. Zij moeten van Ronse de stad van morgen maken. De scheunste vaan geu de wierood. Met een toekomst voor iedereen. Tuupe.

En toen lezer en beste Tavisten, werd ik wakker.

23 februari 2017

CODE 9600

TUUPE VUIR LIERDE
TUUPE VUIR ZWALM
TUUPE VUIR RONSE
SCHRAPPEN WAT NIET PAST.




Tom Aelbrecht is overdag Financieel Beheerder van het OCMW van Ronse. Tom Aelbrecht, we zien hem hier met de mooiste boerin van Vlaanderen, is 's avonds tevens voorzitter van SP.a Zwalm. Hij zetelt er bovendien namens zijn partij als raadslid in het OCMW: van Zwalm welteverstaan.



Julien Vandenhoucke is Projecten Coördinator van de Stad Ronse, stond op de lijst van SP.a Ronse en engageert zich voor die partij in de lokale oppositie.

Jurgen Soetens is zoals ik hier eerder meldde burgemeester van Lierde voor de CD&V en Financieel Manager van de Stad Ronse. Hij zetelt bovendien in de besturen van Farys en Solva.

Het stadhuis van Ronse lijkt wel een kluwen van politieke netwerkers en tegenstrijdige persoonlijke belangen.
Zuilen, netwerken, djeventruken en (rode) neuzen in stille oppositie. Tuupe vuir Ronse, Zwalm of Lierde? Schrappen wat niet past, argeloze Ronsenaar zonder - politieke - papieren.

17 februari 2017

FESTIJNEN EN FINANCIES

BURGEMEESTER VAN LIERDE
MANAGER VAN RONSE
BESTUURDER BIJ FARYS
BESTUURDER BIJ SOLVA




Mogen politici dan niets meer verdienen? Dat vraagt burgemeester Jurgen Soetens van Lierde zich af naar aanleiding van de commotie rond hun collectie mandaten in intercommunales. Jurgens Soetens combineert het burgemeesterschap van Lierde met een topfunctie aan de Stad Ronse als Financieel Beheerder.

Burgemeester Soetens daarover in Het Laatste Nieuws: 'Politici zijn niet allemaal zakkenvullers en werken wel degelijk hard. Als burgemeester ben je continu beschikbaar en draag je ook heel wat verantwoordelijkheden. Als iemand bijvoorbeeld door een put in de weg zakt, kan ik persoonlijk verantwoordelijk worden gesteld. Bovendien maak je als burgemeester ook heel wat kosten bij het steunen van de lokale gemeenschap. Ik schat dat ik per maand zo'n 800 euro uitgeef aan sponsoring en eetfestijnen. Dat wordt als burgemeester ook van je verwacht. Als je ergens binnen komt, rekent men er bovendien op dat je een rondje trakteert.'

Jurgens Soetens verdient als burgemeester van Lierde maandelijks 4.107 euro bruto. Daarnaast zetelt hij in de Raad van Bestuur van intercommunale Solva.Daarnaast zetelt hij ook in de Raad van Bestuur van Farys. Hoeveel hij vangt als Financieel Beheerder van Ronse wil hij aan Thomas Vandewalle van Het Laatste Nieuws niet kwijt. Niks mee mis, dat is zijn volste recht vanwege privé-aangelegenheid. Zijn commentaar wil ik de lezer evenwel niet besparen.

Jurgen Soetens: 'Omdat dit hier niet terzake doet. Sinds ik verkozen ben als burgemeester, ben ik wel vier vijfde gaan werken, waardoor ik minder verdien. Alles samen werk ik wekelijks zo'n 70 à 85 uren. Het spreekt toch voor zich dat daar een vergoeding tegenover staat? Als men niets meer mag verdienen, riskeert men geen competente mensen meer te vinden’.



Geen grijs haar op mijn hoofd dat er ook maar aan denkt om de competentie en werklust van Jurgens Soetens te betwisten.

Wel een eenvoudig vraagje als Ronsese belastingbetaler die zich zorgen maakt om de vele peuten en goeten in de straten van Ronse en de verantwoordelijkheden die dat voor burgemeesters van alhier en alginder meebrengt.

Welk hoedje zet Jurgen Soetens op als hij in die 85 werkuren een gaatje vindt voor pakweg de Raad van Bestuur van de intercommunale Farys? Dat van Lierde dus anders dient hij de belangen van zijn gesponsorde en feestende burgers aldaar niet.

Want namens de Stad Ronse hoeft hij daar alvast niet te gaan zetelen. Daarvoor hebben we als Ronsese belastingbetalers al een bekwaam en ijverig Bestuurder zitten in de Raad om toe te zien op de verhogingen van onze Farys-factuur: Jan Foulon. Tiens, ook CD&V doch dit terzijde. Het helpt allicht bij het 'netwerken' als de belangen van (de burgemeester van ) Lierde op een dag niet helemaal samenvallen met die van (de manager van) Ronse...

09 februari 2017

SCHOUDER AAN SCHOUDER



Blauwe maandagen. Turnzaal College. Tien keer pompen. Ons lam lijf twintig keer uit naad en ‘note’ rekken aan de rekken. De Kobbe vervloeken. De Memlinc verketteren. Zwoegen en zweten. Examen aan de sportramen. Dan de bok over voor de tijgersprong. Stevig afduwen op de springplank. Dertig rondjes.

Voetballerke, zeker?
Altijd wat met voetballers.
Watjes. Mietjes.
Tere kuiten broze heupen
Hier gien camuskies.
Geen gezever.
Geen cinema.
Geen theater.




Je was een turnleraar uit een duizend. Wat je ons schonk was de (h)eerlijke optie op het volle leven vol sport. Als een personage uit het mooiste boek van John Irving, in je hemelsblauwe sweater met dat groen-witte schild van Sint-Antonius erop geborduurd. Je turnlessen waren voor ons het echte leven zelf. Hard was je, maar rechtvaardig. Personal hero van onze wonderjaren. Omringd als we toen nog waren door allemaal priester-leraren in raafzwarte soutane.

Volkomen trouw ook aan jezelf en je Vlaamse idealen. Zo leerde ik je later beter kennen. Alles had je gehad met de poen- en postjespakkers. In het kelderke van Den Tap gaf je me je ultieme kijk op politiek. Ik zou die les nooit meer vergeten. Het verraad van de macht, hun akkoorden, hun deals, hun corruptie. Schuivende rooilijnen aan de Ommegang op de kop van de gewone man, geklasseerde nisjes, arrangementen in Brussel, compromissen, pacten. Wat al niet.

Ik kende die verhalen van verkiezingspamfletten in je autokoffer. Dat je al van de Volksunie was van lang voor die tranen van Bertje. Dat je na het verraad van het Egmontpact doorgeschoven was richting trouw aan je jonge zelf. Iemand wou me jouw lidmaatschap onder de neus duwen. Nee bedankt, wat moest ik ermee? Je was wie je was en je was wat je was. Et alors? Geen gewone. Geen gemakkelijke. Maar tegelijk zo ongewoon innemend. Zo indrukwekkend authentiek. Niemand hoefde me te komen te vertellen wat je was en wat niet.

Van je zoon, mijn pennentrawant en vriend Geertje hoorde ik dinsdagavond op de Tavi-repetitie al dat het niet goed zat. Donderdag ben je dan in de vooravond de weg richting sterren boven de Wittentak gegaan. Voort leven zonder wijlen je aller dierbaarste was voor jou volkomen verlorenheid geworden. Overleven, ondanks de goede zorgen van je dierbaren.

Ik zag je zo immens droevig in je huisje hier aan de waterkant van het Sint-Hermes Forum. Je hart was gebroken. Het was op. Wat moest je nu nog? Het boek was geschreven. Niks meer aan toe te voegen. Zelfs geen voetnoten. De dingen waren gezegd en verzwegen, voor goed verraden. Het Avondland was helemaal weg. Het oude Atlantis was verzonken. Van het Westen geen ander nieuws meer dan kommer en kwel.



Goede Gerard Desmijtere, het zal prikken in de keel als straks de Tavi-gekte losbarst. Maar met Geert en je kleinzoon Woutje zijn we tuupe al eens door de diepste dalen van Ronse getrokken schouder aan schouder. We worden ervaringsdeskundigen in het gemis van dierbaren daar op de planken van VTV.

Meest nog zal het me steken dat ik je in mei mijn nieuw boek HERMES niet meer brengen kan. Jaar na jaar bezorgde je me zelf je Fiertelcollages die ik hier in mijn schrijfhoek koester als kostbare parels van troost. Die Fiertel gaan we tuupe blijven doen. Zo lang onze knoken geen camuskies geven. Schouder aan schouder. With or...With and without you.

(Illustraties: Trommelfluitje door priester Georges Herregods. Broer van je boezemvriend Jaak. En 'Behoet mine sinnen, één van je collages.)

Foto: Gerard met de Collegeploeg AKRON
Winnaar van de Ronsese Stadsbeker 1961.
U herkent naast Gerard: Guy Deliveyne,L. Gosseye, M.Verroken, Pol De Ruy, E.H. Adrien Smet,
en onderaan: Jan Denaeghel, Edwin Landries, Jean-Marie 'Sala' Vanderhaeghen (later Racing White) en Pierre Carteus, Club Brugge-icoon.


07 februari 2017

DE BENDE VAN BAEKELANDT



We lieten je niet binnen. Je eigen poësisklas nog wel. Van een zotternij meer of minder keek je toen al niet meer op. Dylan, Donovan, Ferre Grignard. Ik zie je daar nog geduldig staan tikken tegen dat raampje. Met je karakterkop om de repliek te geven aan Robert De Niro. Iemand draaide tenslotte de sleutel weer om. ‘Maurice, ge moogt binnen komen'.

Flectamus Genua!
Geknield naast de bank.

Levate!
In houding naast de bank.

Les Nederlands.
Geen interesse.
Les godsdienst.
Geen aandacht.
Hier en daar kaarters op de banken.

De Bende van Baekelandt.
Jij was onze bendelijder.
Jawel, lange ij.
(Woordspeling, wietie).

Iets hebben we er dan toch van onthouden.
Want voor de rest: palin(g)droom, palimpsest, oxymoron.
Het gleed van ons af als Scheldewater van schelvis.

Je liet het kaartspel zijn gang gaan. Tot je het welletjes vond dat de Monumenten der Nederlandse Letteren aldus op algehele onverschilligheid werden onthaald. De confrontatie met onze gekte moet enorm geweest zijn voor jou. Jij die er toen net drie jaar filosofie en nog eens vier jaar theologie op zitten had aan de pauselijke universiteit Gregoriana Rome. Alles in het Latijn nota bene. En dan recht de hel in bij ons. In je eigen oude Sint-Antoniuscollege nog wel. Wisten wij veel welke reuzenkans we mis liepen. Al was het maar om één hapje mee te nemen van je enorme eruditie.

Toen ik je later als journalist on the road een blitzbezoekje bracht in Waarschoot of was het Oostwinkel vertelde je me dat je het na dat woelige broeierige jaar ’67 echt wel gehad had met het onderwijs in het algemeen en met ons in het bijzonder. Knipoogje. Troost je. Gisteren hoorde ik van een leerkracht onwaarschijnlijke verhalen van vandaag. Toestanden met brandblussers en erger. Je komt nog goed weg met je bende onverlaten van toen.

Op een dag zag ik je als pastoor van Oostwinkel in ‘Iedereen op de Buis’ of zoiets. Je droeg een rock T-shirt. Je zong een lied Ad Majorem Dei Gloriam. Om het bidden tot de Allerhoogste weer wat leuk te maken.

Eerder dit jaar kwam een vicaris je koudweg vertellen dat je moest stoppen met pastoor te zijn. Dit vanwege je 80 gezegende jaren. En nog maar 40 parochianen meer in Oostwinkel, 30 in deelparochie Ronsele en 120 in Beke. Missen die wegvallen. Sch(r)aalvergroting. Een paar dagen later viel je van de commotie pardoes van je velo. Je ziet, ik heb zo mijn bronnen. Hou me in of ik schrijf hier dat ze ondertussen wel anderen zich schaamteloos monseigneur laten noemen die …zich voor de rest helemaal niks meer herinneren van...

Trek het je niet aan, lieve goede Maurits. Lach het van je af met 'Tavi Buuneklaaker'. Je wil voortaan je tijd vullen met muziek, wandelen en lezen verneem ik. Voor dat wandelen raad ik je de 'Trage Weg' aan die vanaf de Hemelberg hier achter Broeke helemaal naar boven de Kruissens loopt, dwars door het groene paradijsje op zijn flank. Ze noemen dat tegenwoordig pompeus ‘Groene vingers naar de heuvelen’ in hun masterplantaaltje. Ze kunnen zien dat ze tegen dan hun Vuile Vingers wat properder hebben gekuist en afgebakend. Anders blubber je door hun Groen Modderbad.

Beste Maurits ad multos annos. Op 5 mei presenteer ik in de crypte mijn nieuw boek, 'HERMES' getiteld. Mijn zoektocht naar zingeving op het ritme van de Fiertelbellen. Een gesmeten bestaan tussen noodzaak en toeval in extremis. Met knipoog naar mijn goede maat Spinoza. Deus sive natura. Ik vraag dat ze de deur van de crypte wagenwijd voor je open houden. Het ga je goed, beter dan toen met je bende van Baekelandt.