27 februari 2014

BRIEFGEHEIMEN

OES MARREENEKIE MARTINE



Je was me hier al langer gesignaleerd, in the streets of Ronse. Ze lopen hier dun gezaaid de BV’s. Donaat, meest Ronsese van alle Nuikerkeniers. Guillaume Devos.

‘Doer ze, Steef!
‘Ien hieren cabriolei’.
‘Martine Jounkiere!’.

‘Jounkhiere…? vraag ik.
‘Van d’autaubuussen?’

‘Zeeg moa niet daade ze nie kent?’
‘Ge spelt mei mien castagneeten.’
‘Là Jonckheere! Vaan Faaamielie!’

Natuurlijk weet ik wie je bent. Had je eerder al eens opgemerkt toen ik bij Seynaeve een zomerfeest-dessert ophaalde. (Egel van vanille ‘mei ‘n toepke vaan sjukola en de sjarp van marsepenk’). Discreet wachtte je je bestelling af. Waarna je in je Saab ‘mei de kaape noer benein’ ( pennenbroer Piet Demoor zou schrijven: ‘als een dakloze’) naar je verdoken erfje zoemde boven Kruissens . Aan ‘Turkije’. Waar ere-burgemeesters van Ronse hun stek hebben tot ze, in het licht van de eeuwigheid , terugkeren naar het hart van de stad.

Een harmonieus BV-bestaan is hier weggelegd voor jou Martine. Jij houdt je afzijdig en wij laten je met rust. Meer dan een verhaaltje van bij de coiffeur sijpelt er voor de rest niet door. Jouw Familie is die van het BV-schap. De televisiester kiest voor het mooiste dal van Vlaanderen en iedereen kan daar mee leven. Wie je professioneel wil bezig zien, kan Thuis zappen naar Familie.

Tot je deze week dan de marraine wordt van de 93 Ronsese Levensloop-teams in een nooit eerder gezien solidair Levensloop-engagement dat alle records verpulvert en afstevent op 80.000 euro voor de strijd tegen kanker. Lap. Het woord is gevallen. Weg met het hoog BV-gehalte van mijn brief naar jou. Kunnen jij en ik vanaf hier doorgaan op gelijke voet. Als stervelingen.

‘La vie ne fait pas de cadeaux’ zingt Brel in ‘Orly’.
Zijn laatste plaat. Blauwe lucht, witte wolken.
De K heeft hem dan voor goed te pakken.

‘Ils parlent de la mort, comme tu parles d’un fruit.’
‘Gémir n’est pas de mise, aux Marquises.’

Het leven. Met de ene dag een geschenk, de andere dag onzegbaar lijden en onnoemelijk verdriet. Zelf ben je ervaringsdeskundige van beide. Alles wat je meekreeg, heb je terug geschonken in je nooit aflatend streven naar het goede en het schone. Je hebt er de persoonlijkheid en het talent voor. Het zit bovendien in de Familie. Twee keer werd je geraakt door de ommekant van dit alles. De vervloekte ziekte. Met de K van een ziekenhuisblok. Een keer treft ze je in het verlies van je zus Carmen. Een tweede keer raakt ze je in eigen boezem.

But still standing
as a true survivor.

Geraakt ben je maar niet gekraakt. ‘Toujours sourire’ zei mijn mama altijd op haar donkerste dagen. Ze had met haar vijf kinderen haar man op zijn achtendertigste zien sterven. Een zoon, mijn broer Johan zien wegsmelten van de K. Ook op zijn achtendertigste.

Onnoemelijk verdriet, zeg ik.
Onzegbaar lijden, zeg ik.
Maar altijd sterk zijn en blijven.
Toujours sourire, hoe moeilijk dat soms valt.

Ik ken hier mensen in Ronse die ik op straat zie,die me zeggen:
‘Stefken, ik kan zoveel verdriet tegelijk niet meer plaatsen. Trop is teveel.’

Ik sta daar dan ook maar te staan. Ik met mijn al te scherpe pen en mijn groot bakkes, Martine. Sprakeloos. In volle bommels, in volle zon of in de regen. Maar we moeten tuupe voort doen. Voor al diegenen die vechten. Voor al diegenen die ons voorbeeld zijn met hun dapperheid in de strijd. Voor al diegenen die ‘het allemaal niet meer plaatsen kunnen’ in hun onbeschrijflijk verdriet.

Daarom vind ik jouw meterschap van de Ronsese Levensloopactie dikke klasse. Je kiest de koninklijke weg naar Ronse. De enige weg die er toe doet, die van het hart:

L’on ne voit bien qu’avec le coeur.
L’essentiel est invisible des yeux.
(Le Petit Prince).

De solidaire stroom die dezer dagen breed door heel Ronse meandert, toont waarom dit zo'n speciale stad is. Een stadje, zo broos als alle stervelingen zijn. Zo kwetsbaar als een verontrustende scan. Maar ook: zo sterk als alle Ronsenaars tuupe.

Ronse sluit je met dat meterschap in het hart, beste Martine.
Je bent nu Familie. Oes Marreenekie Martine.

25 februari 2014

OPEN VLD BEKENT FACILITEITENBLUNDER

EEN VRIJWILLIGE FUSIE VAN RONSE
MET MAARKEDAL? DREAM ON.
RONSESE REKENING VOLGT.




De Vlaamse liberalen willen dat faciliteitengemeenten voortaan ook kunnen fusioneren met gewone gemeenten. Nu is dat niet het geval. Een fusie met één van de gemeenten die het dal van Ronse omringen (Zulzeke, Nukerke, Etikhove), is door de faciliteitenwet altijd aan de Hermesstad voorbij gegaan. Open VLD-kamerlid Luk Van Biesen wil nu een wetsvoorstel indienen dat zoiets toch mogelijk maakt.

Gemeenten in Vlaanderen mèt faciliteiten voor Franstaligen zijn doorgaans kleiner dan Vlaamse gemeenten zonder. Daardoor hebben ze minder bestuurskracht, zo is zijn uitgangspunt. Ze zijn benadeeld door de taalwetgeving. De landelijke gemeente Oudenaarde telde bijvoorbeeld voor fusie zo’n 9000 inwoners, tegenover de Stad Ronse 25.000. Oudenaarde telt nu 30.000 inwoners, Ronse 26.000. Bij deze cijfers is geen tekening nodig. Het resultaat is redelijk zichtbaar te velde.

Terwijl andere gemeenten in de omgeving van Ronse aldus aan gebiedsuitbreiding konden doen en navenant konden genieten van de inbreng van de perifie (Frasnes-les-Anvaing aan Waalse kant, Kluisbergen en Maarkedal aan Vlaamse kant) moet Ronse het sinds 1962 in zijn eentje rooien met alleen zijn eigen stadskern en wijken.

Doekje voor het bloeden

Kamerlid Luk van Biesen wil die fusie-klem nu weg door vrijwillige fusie toe te laten tussen faciliteitengemeenten en niet-faciliteitengemeenten. Aan de bestaande garanties voor particulieren die het Frans wensen te bezigen in hun contacten met de faciliteitengemeenten wil Open VLD niks veranderen. Een soort ‘districtscollege’ zou de faciliteiten blijven bezorgen in de vroegere faciliteiten-deelgemeente. In geval van een fusie met bijvoorbeeld Maarkedal zou Ronse als onderdeel van de nieuwe fusiegemeente zijn faciliteiten behouden. Terwijl Maarkedal een voluit Vlaamse gemeente zou blijven.

Van Biesen zoekt voor zijn voorstel steun bij andere partijen. Het is echter zeer de vraag of hij die vindt. Het grootste bezwaar is dat hij hiermee een mank systeem bestendigt dat voor steden als Ronse zijn contra-productiviteit meer dan lang genoeg bewezen heeft. Herinner je de brief daarover van burgemeester Luc Dupont aan Yves Leterme. Het voorstel is meer een doekje voor het bloeden. Een luchtballon die zal weg varen op de windrichting van de verkiezingen.

Eindelijk geeft de Wetstraat haar miskleun toe

Het positieve aan Van Biesens wetsvoorstel is echter wel dat hiermee eindelijk eens in de Wetstraat toegegeven wordt wat we als Ronsenaars al jaren weten, zien en ondervinden. Dat die faciliteiten Ronse op een compleet onrechtvaardige manier opgesloten hebben in een niemandsland.

Ronse, industrieel, economisch en sociaal leeg gemolken door Wallonië. Verguisd door Vlaanderen. Genegeerd door Brussel dat ons met dit keurslijf heeft opgezadeld. Eindelijk geeft de Wetstraat deze miskleun en onrechtvaardigheid toe.




Onze politiek correcte taalhoffelijkheid als Ronsenaars is de afgelopen veertig vijftig jaar misbruikt. Ze is beantwoord met de regelrechte plundering van Ronse. Zowel sociaal als economisch. En dat de zelf verklaarde ‘politieke taalcorrecten’ niet komen aandraven met ‘het spook’ van separatisme.

Politiek correct in de (con)federale staat van morgen is het vooral dit onrecht ongedaan te maken en er herstelbetalingen voor te claimen. Met lapmiddelen en manke vrijwillige fusies is niemand gediend.

Voor het correct omgaan met de Waalse klandizie heeft Ronse geen taalfaciliteiten vandoen. Daarvoor volstaat gewoon onze Ronsese taalhoffelijkheid in de praktijk van alle dag. In het Nederlands, het Frans of met gebarentaal als het moet. Ronsenaars zijn hartelijke en gastvrije mensen. Het zijn noch geboren Ronsenaar en burgemeester van Frasnes Jean-Luc Crucke, noch geboren Ronsenaar en burgemeester van Doornik Rudi Demotte die dit zullen kunnen tegenspreken.




Ronse moet eerst onvoorwaardelijk bij Vlaanderen als een open gastvrije (taal)hoffelijke voluit Vlaamse stad . Ronse moet eerst haar eigen identiteit terugkrijgen op de nieuwe (con)federale kaart. Pas dàn kan er gepraat worden over eerlijke werkingsmiddelen en vruchtbare werkbare vrijwillige fusies. Niemand van onze goede Vlaamse buren zit te wachten op fusie met een halfslachtige stad. Het voorstel versterkt in elk geval de idee dat Ronse door die faciliteiten decennia lang deerlijk is achteruit gesteld. Het bevestigt het idee van een inhaalbeweging met schadeclaim en herstelbetalingen als uitgangspositie.Tuupe vuir Ronse.

24 februari 2014

TWEE PANDA'S IN RONSESE VRIJHEID



Ooit werden er op het Marktje kiekens en konijnen verkocht voor pelgrims die zich in hun bloten in de crypte wilden laten belezen tegen de waanzin op voorspraak van de Heilige Hermes.(Ze kwamen vooral uit West-Vlaanderen en Oudenaarde, 't is echt).

‘Ronse is ontstaan rond de Molenbeek en de Oude Vrijheid'. Aldus Peter Vermeulen van het Studiebureau Stramien uit Antwerpen. De Muilebeike? Hebben we kunnen ruiken op zwoele zomerdagen. Vermeulens bevindingen werden afgelopen weekend met de nodige poeha op de Ronsenaars los gelaten en worden ons vandaag ook nog eens den kond gedaan in Het Nieuwsblad. ‘Het was zoals het Vaticaan in Rome een stad in de stad waar de clerus het volledig voor het zeggen had. Dat geheel eigen karakter moet de Vrijheid terugkrijgen’. Aldus Vermeulen.

Van triggers en andere attracties

Zijn vergelijking tussen Rome en Ronse, tussen Vaticaan en Kapittel klopt… als een offerblokje. In Ronse werd buffetarius Jacobus Baert eeuwen geleden al gekapitteld omdat hij op het Marktje pelgrims en pelgrimessen bepotelde bij het aanpassen van zijn reliekhouders. En over de vierhonderd pasters die door het Vaticaan vorig jaar zijn buiten gesmeten kan er maar beter niet teveel geroddeld worden. Zijne heiligheid (in West-Vlaanderen klinkt dat anders) heeft er gisteren bij zijn kardinaalsbenoemingen ( Leonard viel helaas buiten Gods immanente rechtvaardigheid) nog eens op aangedrongen dat al dat geroddel onder kardinalen en onder gelovigen bij het verlaten van de diensten nu maar eens moest stoppen. Op het klein Marktje van Ronse was het eeuwenlang nochtans uitgerekend dat wat voor de Ronsese goegemeente na de hoogmis en begrafenissen echt werkte als trigger, als een Ronsese klets-Facebookgroep avant-la-lettre en face to face. Die gezelligheid zal de Oude Vrijheid dus voor altijd moeten missen. Dan maar op zoek naar andere attracties.

Het Venetië van de Vlaamse Ardennen



Vermits Ronse het behalve zijn collectie perusjen van de gemeenteraad zonder Pandaberen moet doen (die zijn alwéér voor de Hainaut) en de Ronsenaars het voor de rest de komende legislaturen met haar twee panda’s van het bestuur (Jan Foulon en Wim Vandevelde) zullen moeten stellen, werd er door die drie studiebureaus gezocht naar andere duurzame oplossingen.

Hun opdracht was (behalve het pakken van onze schaarse belastingspoen) niet min. Hoe vertellen we de Ronsenaars op welke manier ze hun commerciële as tussen Wijnstraat en Rooseveltplein kunnen herstellen? Hoe ze de horeca tussen Kleine en Grote Markt een nieuw bestaan kunnen inblazen? Hoe ze het cultureel erfgoed met Crypte, Hoge Mote, Bib en Ververij kunnen valoriseren? Hoe ze fietsers en wandelaars kunnen aantrekken en redden van de regelrechte verkeerschaotiek die er nu in de Oude Vrijheid heerst?



Met dure woorden en mooie peetsies op zoek dan maar naar een nieuwe identiteit en herkenbare entiteit waarin musea aan elkaar worden geklit, de hele Vrijheid rust en ruimte uitstraalt op het ritme van wandelaars en fietsers. Met de auto op loopafstand van nieuwe parkeerruimte. Met de Molenbeek als drager van de hele ruimtelijke structuur. Met accentuering van het reliëf. Met herkenbare afbakening ( die drie draaiende fonteinen hebben we al). Een autoluw hart van Ronse. Met nieuwe doorsteken onderaan naar Kruissens en Grote Markt. Met de Hoge Mote als belevingscentrum.

Het oogt mooi en het klinkt schuune wried schuune allemaal. En het gaat wat kosten, maar het mag. En het zal een tijd duren ook . Maar onze ‘Vrijheid’, van denken en schrijven vooral, is het allemaal zeker waard. Zolang die Muilebeike dan maar niet uit haar oevers treedt bij de eerstvolgende storm en Ronse (andermaal omtrent water)in het nieuws komt. Deze keer als het nieuwe Venetië van de Vlaamse Ardennen.