18 januari 2017

ONVOORSPELBAAR

RUGBYBALLENDEAL
MET FRASNES
IS DE DOODSTEEK
VOOR RONSESE ATLETIEK




In het masterplan van de Ronsese sportzone staat behalve een zwembad ook een atletiekpiste , naast de bufferzone en de nu afgedankte parking . Dat mooie plaatje is voor de goedgelovige goegemeente van Ronse te zien en te bezichtigen ten stadhuize. Doe geen moeite. De kans dat die piste er ooit nog komt is nu onbestaand.

Jean-Luc Crucke, de verdraaid slim-sluwe burgemeester van onze Waalse fusiegemeente Frasnes steekt sinds vorige vrijdag Ronse immers compleet de loef af na de eerste steen van een eigen …gloednieuwe atletiekpiste: op een boogscheut van de Ronsese sportzone. Inclusief rugbyplein. Frasnes heeft een namelijk een rugbyclub. Volgens kenners bengelt die helemaal onderaan de competitie doch daaraan kan nu gewerkt worden. Jean-Luc Crucke biedt ondertussen de ‘talloze’ rugbyspelers van Ronse (!) gastvrij aan om gebruik te maken van zijn nieuwe infrastructuur. Het busje staat al klaar. Niemand?

Ne me faites pas rire,
j’ai les lèvres gercées.


De atleten van Ronse hoeft hij al niet meer aan te trekken. Die zijn hier al langer weg: naar Beloeil, naar Oudenaarde en elders. Dit eens navragen bij onze veelvoudige voormalige Ronsese Belgische kampioenen.

De slim-sluwe Jean-Luc Crucke heeft met Ronse een fantastische ‘ruil’-overeenkomst afgesloten. Met veel poeha vorige week gevierd bij de eerste steenlegging van zijn Stade Sportif.

De Frasnois zullen hier komen zwemmen in het nieuwe zwembad en dit aan de door de Ronsese belastingbetaler gesponsorde Ronsese tarieven.

De formidabele ruil bestaat er in dat… de Ronsenaars bij hem achter de rugbyballen mogen gaan aanhollen en de allerlaatste atleten alhier …vanop de aftandse Assa-piste aan het oude Vandewielestadion naar Frasnes kunnen gaan lopen, bij wijze van opwarming voor hun trainingrondjes aldaar.

PAKKEN ZE
DE RONSENAARS
WERKELIJK
VOOR WIETIES?


Een. Geboren Ronsenaar Jean-Luc Crucke verzet zich systematisch tegen de geplande doorsteek van de Missing Link N60 rond (of liever: door) Ronse op ‘zijn’ grondgebied. Hij houdt de geplande miljardeninvestering voor de ontsluiting van Ronse tegen aan de Leuzesteenweg.

Een volkomen Ronse-vijandige dorpspolitieke attitude die we van hem gewoon zijn. Alle gênante quart-mondiens naar het toch zo zorgzame gastvrije ‘tweetalige’ Ronse, alle immo- en industriële investeerders naar het sjieke Frasnes: au coeur des Collines. Met goedkopere want ‘geregionaliseerde’ erfenisrechten voor het nageslacht ‘en prime’.

Alle Belgen gelijk voor de wet? Behalve de Ronsenaars die niet ( met dank aan de taalwetregeling die Crucke hardnekkig verdedigt hij weet waarom) niet en nooit kunnen fusioneren zoals bijvoorbeeld de voormalige paroisses Frasnes en Anvaing. Of Zingem en Kruishoutem.

Twee. Jean-Luc Crucke moeit zich al jaren met het bestuur van Ronse. Wanneer bijvoorbeeld Luc Dupont als goede bestuurder van Ronse constateert hoe de faciliteiten een bestuurlijke blok aan het been zijn van elke Ronsese burgemeester en dit sinds een halve eeuw en Luc Dupont daarom zeer terecht, mét goedkeuring van de Ronsese liberalen (de politieke familie van Jean-Luc Crucke) bestuurlijke zelfstandigheid claimt, dan komt uitgerekend deze Jean-Luc Crucke dat smalend voor de camera - op de markt van Ronse voor het stadhuis – wegblazen. Nadat hij even tevoren zelf heel zichtbaar provocatief op de publieksbanken van de Ronsese raad is komen zitten. Zie de film hieronder.

Zie je dat omgekeerd een Ronsese burgemeester doen? Neen. Totally not done.

Drie. Jean-Luc Crucke plant zelf in zijn vertes collines de uitbreiding van zijn industrie, kant Sucrerie de Frasnes. Met vlotte aansluiting op de A8. Ondertussen blokt hij link de Missing Link en de industriële ontwikkeling van Ronse aan Pont West af.

Je kan het de slim-sluwe Crucke bezwaarlijk kwalijk nemen dat hij aldus op alle faire (en helaas ook unfaire) manieren leep opkomt voor zijn eigen gemeente.

Bien joué, Jean-Luc.
Chapeau, biloute.


Wie zich geroepen voelt hier ooit die sjerp te dragen kan bij Jean-Luc Crucke beter eerst helemaal in de leer.



Deze ‘Rugbyballendeal’ voor Ronse is de doodsteek voor de ooit glorieuze Ronsese atletiek. Wie het anders zegt, die doet aan persoonlijke politieke profilering en vergooit in de run naar de sjerp van Ronse het hoger algemeen belang van de Ronsenaars.

Wie dat belang van Ronse aldus zomaar te grabbel gooit voor zijn persoonlijke politieke planning, die zal het in 2018 ondertussen wel kunnen schudden voor de Ronsese sjerp. Ik geef het hier op een blaadje. Of, zoals een goede fidele vriend van mij zeggen zoude: die gaat niet eens op de foto-finish staan. Een geheime zogenaamd pre-electorale deal, vermomd als ‘sociaal’ kartel, onder het gebladerte van de Witte Bomen van Frasnes zal dat niet veranderen.

Om het selectief geheugen
van Ronsese vergeetachtigen
op te frissen nog even
dit geheugensteuntje.




17 januari 2017

ONVOORSPELBAAR

WIE BRAAF IS
KRIJGT LEKKERS
WIE STAAKT
DIE KIJKT TOE.




2017. Jean-François Gribomont, baas van Utexbel, beloont zijn werknemers op Nieuwjaar met een doos koeken. Echter alleen wie nièt gestaakt heeft in oktober. (De maand van alle grote revoluties). Met zijn pre-Daensiaans Woeste-gedrag voert generatiegenoot Gribomont me terug naar mijn jeugdjaren in de (schijnbaar niet helemaal) verdwenen wereld van paternalistische Ronsese textielbazen.

1957.Verjaardagsfeestje met Goûter d’Anniversaire! voor vriendinnetjes en vriendjes uit de zelfverklaarde beau monde aan de twee betere boulevards de la Petite Madeleine van Ronse.

Et toi, t’es qui?
Bonjour Madame. Je suis le fils de..
Ah oui je vois ..le petit dernier de…


Hoor ik eerbiedig gefluisterd ver boven mijn hoofd de naam van een of andere textielbaron. Gevolgd door een goedkeurend knikje van (on va dire) Madame Matthys. Admitatur. Beantwoord door het al evenzeer goedkeurend knikje van (on va dire) Madame De Dottenijs. Nihil obstat.

Très bien, donc un jeunehomme de bonne famille.
Et toi t’es qui?
Moi Madame, je suis la fille de…


Volgt hoog boven mijn hoofd de naam van textiliens met aandelen in het Parc Lagache.

Profijtige knik van Madame Matthys.
Dansende kin van Madame De Dottenijs.
Ze roeren in hun kopje, de lepeltjes van Wiskemann, de pink richting kroonluchter.

Faites vos jeux les petits!
Hihihi: vos jeux!
Comme c'est drôle!
Comme au casino de Knokke!

Les enfants!
Il y a des macarons à volonté!
Profitez-en!
Et de la citronnàààde.
Du chocolat chaud!
Chaud le chocolat!
Comme au Lac du Tanganyka!
Hahaha!
Je ris de me voir si belle
dans le miroir!


Madame Matthys en Madame De Dottenijs komen niet meer bij.

Un doigt de Courvoisier.
Une larme de Cointreau.

Et toi, t’es le petit garçon de qui?
Je suis un fils à
pas de papa, madame
, zeg ik.
En ik wil in de sterren zijn boven Wittentak,
liever dan op dit bescheten verstikkend vieruurtje.
Mijn vader is al meteen na mijn geboorte dood gevallen.
Gewoon van mijn - dan al - verfrommeld wezen te zien.
Zuster Zenobie zegt dat hij bij Jezuske in de hemel op me wacht.
Even geduld, papa. Zoontje komt zo.

Et celui-là? C’est qui? Comme nom.

Er wordt met de vinger gewezen naar mijn maatje uit de Cité. We zijn vrienden voor het leven. Gezworen. Mèt vermenging van bloed uit onze wijsvingers en al, na het knikkeren. En gratis voor niks buuntsies van Julien Deraedt op zijn bankske. Plus écht lekkere warme choco van mijn maat zijn bomma. Geen prefab shit van Kwatta zoals hier.

Celui-là?
Bof.. tu sais, celui-là…c'est...

Er wordt aangedrongen.
Est-ce que je sais moi, ma Romanie.
Dan, na een lange stilte:
Celui-là c’est ...Je crois que c'est le fils d’un de ces ouvriers de l'usine.Le gamin de Georges Kongo, tu sais bien le forgeron.

Volgt, zeer hoog boven mijn hoofd, een petit conciliabule.

Madame Matthys
Madame De Dottenijs.
Femmes savantes.
Petites précieuses.

Oui. Bon.
Qu'est-ce que tu veux ma Romanie.
Une fois n’est pas coutume.


Dan tot mijn speelkameraadje:

Pakt gij u dan
ook maar
ne kleine koekske
uit onze koekendoze
avec dessus
Le Roi & La Reine
Maar doe toch eerst
uw bottinen uit
want met die ijzers
d'er op
faudrait surtout
pas saloper
mon tapis
de Smyrne.


De blik van mij maatje
het zwaard van Arthur
dwars door mijn hart.



Aan dit alles doe je me denken, beste generatiegenoot van op het Collège Saint-Antoine de Padoue, Jean-François Gribomont.
Als ik vanochtend lees hoe jij als nochtans driedubbel gestudeerd mens met je academische adelbrieven in Amerikaanse universiteiten (toch niet The Trump Academy mag ik verhopen), jij de allemachtige broodheer van wel 1200 Ronsese gezinnen met je koekendozen omspringt.

Ach Jean-François Gribomont, ik neem het je niet kwalijk. Ik vond je eigenlijk altijd al veeleer sympathiek en nogal recht voor de raap. Zij het ietwat wereldvreemd ook. Hoe je daar, de ene hand opgetrokken, vruchteloos om de bruinzwarte caoutchouc bal schreeuwde. Vruchteloos, want de sportiefste op de schoolkoer was je dan al niet.

(Geef toe, Willy Naessens & Marc Coucke:
zo gek kon zelfs Tavi het niet bedenken).